Ondervoeding

Wat is ondervoeding?

Bij ondervoeding is er sprake van een acuut of chronisch tekort aan energie (calorieën), eiwitten en andere voedingsstoffen. Ondervoeding gaat meestal samen met (ongewenst) gewichtsverlies. Soms is het gewicht goed, maar kan iemand niet voldoende eten waardoor hij/ zij te weinig voedingsstoffen binnenkrijgt. Vaak neemt de spiermassa af, wat krachtverlies tot gevolg heeft. De gevolgen van ondervoeding kunnen groot zijn voor de gezondheid en kwaliteit van leven. Een ondervoed persoon is vatbaarder voor ziekten en functioneert minder goed. Herstel gaat veel langzamer en de conditie neemt (flink) af. 


Drie soorten ondervoeding

We onderscheiden 3 soorten ondervoeding: wasting, cachexie en sarcopenie. 
Wasting: er wordt te weinig gegeten door sociale, psychologische en/of medische problemen. De spiermassa neemt zo'n 20-30% af. Wasting kan optreden bij bijvoorbeeld verwaarlozing, alcoholisme en anorexia nervosa.
Cachexie: ontstaat door ziekte en de invloed daarvan op de opname van het voedsel. Er treed tot wel 70% verlies aan spiermassa op. Cachexie treedt op in de terminale fase van ziekten als kanker, hartfalen en aids.
Sarcopenie: komt vooral voor bij ouderen door o.a. verminderde eetlust, minder beweging en chronische ziekte. Het gewicht bij sarcopenie kan gelijk blijven waardoor de ondervoeding soms pas laat ontdekt wordt.


Wat zijn de risicofactoren voor ondervoeding?

Kwetsbare ouderen, chronisch zieken, oncologische patiënten of personen met een ernstig trauma hebben een verhoogd risico op ondervoeding. Veel lichamelijke en psychische factoren spelen een rol bij het ontstaan van ondervoeding. Bijvoorbeeld: afgenomen smaak, geur en/of eetlust door ziekte, pijn of een slecht zittend gebit. Of het lichaam geeft niet meer goed aan of je honger hebt of vol zit. Een verminderde spijsvertering, bijvoorbeeld door een operatie of medicatie, kan een rol spelen. Maar de oorzaak van ondervoeding kan ook minder direct zijn, bijvoorbeeld: geen boodschappen meer kunnen doen door pijn en vermoeidheid.. Of het koken niet meer op kunnen brengen. Ook psychische factoren zoals angst, depressie, eenzaamheid en verdriet kunnen invloed hebben. Bij ouderen komen kauw- en slikproblemen en dementie vaker voor. En ook sociale factoren zoals eenzaamheid, rouw en armoede kunnen het eten beïnvloeden. 


Wat kan je doen aan ondervoeding?

Belangrijk is om de symptomen van ondervoeding te herkennen. Het gewicht is een goede graadmeter. Het afnemen van spierkracht is ook een symptoom. En natuurlijk als je zelf merkt dat het eten niet meer goed lukt.


Hoe weet je of er sprake is van ondervoeding?

Volwassenen: ben je meer dan 10% van je gewicht in de laatste 6 maanden of meer dan 5% in de laatste maand kwijtgeraakt? Dit is een indicatie voor ondervoeding. Ook een BMI van minder dan 18,5 is te laag. Bij COPD mag de BMI niet onder de 21 komen!
Ouderen: hier geldt het zelfde als voor volwassenen. Alleen gaan we hier al van ondervoeding uit bij een BMI lager dan 20.
Kinderen: een afbuigende groei- en gewichtcurve is een indicatie op ondervoeding.


Meetinstrumenten voor het meten van ondervoeding

In Nederland gebruiken we de BMI (body mass index; verhouding tussen lichaamslengte en -gewicht) en de SNAQ (Short Nutritional Assessment Questionnaire) als hulpmiddel bij het vaststellen van ondervoeding. De SNAQ is een lijst met drie vragen met een voedingsbehandelingsplan daaraan gekoppeld. Voor ouderen is er de SNAQ65+. Als bij ouderen de bovenarmomtrek minder dan 25 cm is, is dat ook een indicatie voor ondervoeding.


Hoe kan de dietist bij ondervoeding helpen?

De dietist berekent wat je dagelijks aan energie en voedingsstoffen nodig hebt. Ze analyseert welke tekorten er zijn en hoe dit komt. De dietist maakt een advies op maat, Ze geeft inzicht in de energie-intake en leert je welke voedingsmiddelen voor jou goed zijn om te eten. Ook bekijkt de dietist de belemmeringen die er zijn bij het eten en drinken, zoals gebrek aan eetlust of een verminderde/ veranderende smaak, en reikt passende oplossingen aan om op een prettige manier meer voeding binnen te krijgen. Niet altijd lukt het om genoeg voeding binnen te krijgen door middel van 'normaal' eten. De dietist kan dan drinkvoeding voorschrijven. 
Contact en afspraak