Mondgezondheid


Waar onze voorvaderen (en moeders) nog flink moesten werken voor hun dagelijkse portie planten en noten, en vervolgens hun gebit hard nodig hadden om dit vezelrijke en caloriearme voedsel te verwerken, zo gaan wij naar de supermarkt voor ons (vaak bewerkte en niet zelden versuikerde) hapje. Onder invloed van ons huidige voedingspatroon met vaker eten en veel meer zoete en zure producten is (naast het risico op overgewicht en welvaartziekten) ook het risico op tanderosie en cariës toegenomen. Alleen maar meer reden dus om je bewust te zijn van je eetpatroon en- gedrag.
 

Voeding en mondgezondheid

Wat en hoe je eet beïnvloedt de gezondheid van je mond op verschillende manieren. En de gezondheid van je mond heeft weer invloed op je algehele gezondheid. We geven hieronder een beeld van de mondaandoeningen waarop je eetpatroon (naast mondhygiëne en erfelijke factoren) invloed heeft.
 

10 tips voeding en mondgezondheid

  • Drink water! (geen sap of frisdrank)
  • Eet vezelrijk
  • Zorg voor een volwaardig eetpatroon met voldoende vitamines en mineralen
  • Kauw goed
  • Eet regelmatig; 3 hoofdmaaltijden en tot 4 tussendoortjes
  • Beperk de snoepmomenten
  • Poets tong, tanden en tandvlees 2 x daags
  • Flos, stook of rag elke dag.
  • Eet niet binnen een uur vóór het tandenpoetsen
  • Neem geen eten of drinken mee naar bed (behalve water) 

Cariës

Caries is een infectieziekte. En ontstaat door zuren, geproduceerd door bacteriën die inwerken op je tanden. Caries ontstaat op de plaatsen waar plak achterblijft. Caries begint als doffe plek op het tandglazuur. Dit proces kan worden tegengegaan door goede tandhygiene. Gebeurt dit niet, dan verandert de vlek in een ruwe, kalachtige beschadiging en kan bruin verkleuren. Zonder tandplak: geen caries. Door een hoog gebruik van suiker verhoogt de kans op caries.

Caries en voeding
Een laag suikergebruik, niet meer dan 7 eet/ drinkmomenten en een goede mondverzorging verlagen het risico op caries. Koemelk en zetmeelrijke producten (pasta, rijst, brood: zonder toegevoegde suikers)) verhogen het risico op cariës niet. Zoethout, groente en olien en vetten hebben mogelijk een gunstig effect. Behoefte aan méér en persoonlijk advies bij caries? De dietist adviseert en informeert!
 

Tanderosie

Tanderosie is een vorm van gebitsslijtage. Het glazuur slijt af als gevolg van zuurinwerking. Tanderosie is een leefstijlziekte. Door tanderosie verandert het uiterlijk van de tanden; het glazuur wordt gladder en dunner. Hierdoor kunnen de tanden ook geler gaan lijken.

Tanderosie en voeding
Een gezond eetpatroon draagt in grote mate bij aan het voorkomen van tanderosie. Niet meer dan 7 eetmomenten per dag, minimaal gebruik van zure producten (zoals frisdrank, vruchtensap en wijn) helpen tanderosie voorkomen. Kaas en melk zijn beschermend tegen tanderosie. Behoefte aan méér en persoonlijk advies bij tanderosie? De dietist adviseert en informeert!
 

Monddroogte

Iedereen ervaart weleens een droge mond; tijdens het sporten, na een drankje te veel of in een stressvolle situatie. Een gevoel van monddroogte ontstaat als je de helft of minder speeksel aanmaakt dan normaal. Voor een keertje is dat niet erg maar als je er langdurig last van hebt, vergroot het de kans op o.a. tandplak en caries. Door te weinig speeksel proef je bovendien minder en gaat het kauwen en slikken moeizamer. Groepen die een verhoogd risico hebben zijn mensen met diabetes, mensen die meerdere (meer dan 3) medicijnen gebruiken.

Monddroogte en voeding
De speekselsecretie kan worden gestimuleerd door smaak- en geurpikkels en kauwen. Sabbelen of kauwen op (bijvoorbeeld) een stukje komkommer of wortel (indien er geen sprake is van slikklachten) zijn goede manieren om de speekselsecretie te bevorderen. Water drinken na een eet- of drinkmoment helpt om de mond schoon te maken en de zuuraanval op de tanden te neutraliseren. Water drinken bij het eten kan daarnaast helpen bij het kauwen, slikken en het verbeteren van de smaakbeleving. Cafeine, alchohol en zwarte thee verergeren het droge mondgevoel. Behoefte aan méér en persoonlijk advies bij monddroogte? De dietist adviseert en informeert!


Kauwproblemen

Kauwproblemen zijn vaak het gevolg van een aandoening of ziekte (o.a. monddroogte, caries, hoofd-halskanker, gestoorde mondmotoriek). Bij kauwproblemen lukt het niet om (bepaald) voedsel te eten.

Kauwproblemen en voeding
Door de kauwproblemen wordt de voedselkeuze en inname beperkt. Het eten wordt een inspannende en soms ook stressvolle bezigheid. Hierdoor kan de inname van voldoende voedingsstoffen en energie in het geding komen. Dit kan het gewicht en de voedingstoestand negatief beïnvloeden. Daarbij kunnen kauwproblemen invloed hebben op het sociale leven. De dietist adviseert welke voeding (eventueel in aangepaste vorm) wel kan worden gegeten, om zo een volwaardige voeding te creëren.


Slikproblemen

Slikproblemen zijn aandoeningen die slikken moeilijk of zelfs onmogelijk maken. Slikproblemen kunnen bijvoorbeeld gevolgen zijn van aandoeningen in de mond, keel of slokdarm, spierziekte of –zwakte, neurologische aandoeningen of verlamming. Ook kunnen slikproblemen psychisch van aard zijn (slikangst). Gevolgen van een slikstoornis kunnen zijn; obstipatie, ondervoeding en een verminderde weerstand. Ook kan een slikstoornis invloed hebben op het sociale leven (niet meer samen met anderen kunnen of willen eten).

Voeding en Slikproblemen

Bij slikproblemen is het belangrijk om voeding en vocht in aangepaste consistentie aan te bieden. Ook de houding en situatie waarin de maaltijd plaatsvindt is belang. De diëtist adviseert en ondersteund bij het samenstellen een volwaardig voedingspatroon en geeft advies om het eten en drinken zo prettig mogelijk te maken. Indien mogelijk kan zij drinkvoeding of sondevoeding voorschrijven.


Smaak en reukstoornissen

Als mens kan je vijf smaken onderscheiden. Dit zijn zuur, zoet, zout, bitter en umami(hartig). En maar liefst 2000 tot 4000 smaken waarnemen! Bij een smaak/ reukstoornis is de smaak/ reuk veranderd of verminderd of verdwenen. Ook kan de waarneming van smaak of geur niet in overeenstemming zijn met wat iemand denkt te ruiken of proeven. Een smaakstoornis is vaak het gevolg van een reukstoornis. Maar ook een tekort aan speeksel, slechte mondhygiene, zinktekort, ontstekingen in de mond, bestraling bij kanker zijn mogelijke oorzaken. Reukvermogen neemt daarnaast met de leeftijd af en ook medicijnen kunnen de smaak veranderen.

Smaak- en reukstoornissen en voeding

Als het eten niet meer smaakt, wordt er vaak minder gegeten en gedronken. Dit is een risico voor ondervoeding en verminderde weerstand. Genoeg blijven eten en drinken is daarom belangrijk. De diëtist geeft tips & trics hierbij, om het eten en drinken zo aantrekkelijk mogelijk te maken en houden. De dietist adviseert, zodat een volwaardig eetpatroon ontstaat. Ook kijkt ze naar mineralen die invloed kunnen hebben op de smaak en zal ze beaplen of er suppletie nodig is.
 
 

 
 
 
Bron: Voeding en Mondgezondheid, Praktische handleiding voor paramedici
Louise Witteman
 
Contact en afspraak